Spijker op z’n kop

De familie Spijker van het gelijknamige autobedrijf (1934) zorgt al sinds mensenheugenis voor vakkundige bedrijvigheid aan het Luie End van de Gansstraat,het gedeelte tussen de begraafplaats Soestbergen en het voormalige Pieter Baancentrum. In de volksmond: Aan de ene kant lรจgge ze, aan de andere kant zitten ze.

Dat de BOVAG-garage nog altijd goed loopt, komt mede door de gastvrije sfeer die Jan Spijker, zijn vrouw Joke, zonen Willem & Jan junior en monteur Jarno uitstralen. In het met foto’s en oorkondes behangen kantoor laat Jan senior wat hoogtepunten de revue passeren. Een trouwfoto van Jan Junior in een Spyker sportwagen (“verre familie”) en een bedankbriefje van oud-burgemeester en trouwe klant Jan van Zanen. En een plaatje van een merkwaardig uitziende auto, gebouwd in de oorlog. “Daar is toen een houtgas-installatie ingezet, dat kan dus ook”, zegt hij lachend. 

Met de tijd mee
Over de elektrische auto is hij niet heel enthousiast. “Ik zie meer in waterstof.” De firma Spijker gaat wel met de tijd mee, want medewerkers zijn gecertificeerd voor onderhoud van hybride en elektrische auto’s. De naaste buur Pieter Baancentrum is inmiddels verhuisd naar Almere. “Tja, het waren geen lieverdjes daarbinnen, maar onveilig was het nooit. Het gebouw staat nu te koop.”

Engelse parachutist
Er lopen altijd klanten, bekenden en buren rond in de zaak, maar soms komen er ook bezoekers van de tegenover gelegen begraafplaats Soestbergen langs. “Mijn opa zei al: waarom zijn daar geen fatsoenlijke toiletten voor bezoekers?” Zo hebben ze ook kennis gemaakt met de familie van luitenant Wood, een in 1944 gesneuvelde Engelse parachutist. “Ze komen bij ons op de koffie als ze het graf bezoeken. Heel waardevol om die mensen te kennen.” Jan vertelt dat er naast militairen uit de Tweede Wereldoorlog ook Korea-gangers liggen. “Weinig mensen weten dat. Misschien iets voor de Oostkrant?” Waarvan akte.

Familie Spijker, met Jan senior in het midden – Michael Kars