Auteursarchief: Oostkrant

Napolitaanse gastvrijheid

Met een gulle lach opent Fabio Marra zijn nieuwe eethuisje aan de Bosboomstraat. Een traditionele trattoria zoals je die in Napels op elke straathoek ziet: gezellig, informeel, een warme plek, waar buren even binnenlopen voor een stevige espresso, of lekkere antipasta. En waar je met vrienden blijft plakken als de verse pasta’s, calamari, prosciutto en wijn op tafel komen. Italiaanse gastvrijheid in Oost!

Wereld ontdekken
Vele omzwervingen over de wereld bracht de geboren Napolitaan Fabio naar Oost. “Mijn familie heeft een restaurant in Napels, ik groeide op in de keuken. En zoals dat gaat in een Italiaans familiebedrijf: hard werken, altijd in de zaak en vooral bezig met de klanten. Ons leven draait om gastvrijheid. Met 18 jaar vertrok ik naar Amerika, zoals vele jongeren uit Zuid-Italië. De wereld ontdekken, op zoek naar werk, meer eigen baas zijn. Ik heb daar zeven jaar in de horeca gewerkt, eerst in New York, later Miami. Volgde er ook een opleiding. Daarna heb ik drie jaar in Londen voor Caprici gewerkt, een groot horecabedrijf dat er een aantal toprestaurants en clubs bestiert. Toen zeven jaar Australië, totdat corona de horeca op slot zette en ik besloot om terug te keren naar Europa.”

Fijne sfeer
“Nederland ken ik van eerdere bezoeken. Ik kwam in contact met een groepje Utrechtse horecaondernemers die deze zaak aan de Bosboomstraat recentelijk hadden laten verbouwen en nog een manager zochten. Ze waren enthousiast over het idee van een Napolitaans eethuisje in Oost, dus ik kon aan de slag. Etenswaren, koffiebonen en wijn haal ik met hulp van mijn familie rechtstreeks uit Italië. Alleen het beste van het beste! En zonder tussenhandel tóch betaalbaar. Alleen de versproducten betrek ik lokaal, zoals worst en ham van slagerij Brouwer op de Reigerstraat, een tip van mijn Italiaanse vriend Maurizio, in Oost ook bekend als de Kerstman op de motorfiets.”

Rustig beginnen
“We openen om 16:00 uur voor de borrel en (aansluitend) diner. Later breiden we uit naar lunch en ontbijt. Achterin is ruimte voor groepen. Uiteindelijk moet je hier op elk moment van de dag kunnen aanschuiven, te beginnen met een goede espresso, de traditie in Napels. Het eten moet top zijn, uiteraard, maar het allerbelangrijkste is de sfeer: feeling home, relax and enjoy. Benvenuto!”

Trattoria Napoletana Da Roberto
Bosboomstraat 24 (Ostadeplein)
Open: Wo t/m zo 16 – 22 uur
Menukaart en producten

Fabio heet Oost welkom in zijn nieuwe trattoria – foto: Arnoud Wolff

Mysterie aan de Zonstraat

De garage op de Zonstraat 46 herbergt al decennia lang een geheim. Alleen de opeenvolgende huurders weten er van: de muurschildering op de zijwand. Niet zomaar een plaatje, maar een gedetailleerd schilderij van hoge kwaliteit. Misschien een meesterwerk, dat mogen kenners beoordelen. Het is een mysterie, want het is geen Utrechts tafereel, wat je wel zou verwachten in dit roemruchte Utrechtse buurtje. Ronald de Bruin is geboren in het pand ernaast, toch is ook voor hem de oorsprong onbekend. “Ik dacht dat er ooit een vishandel in zat, maar ik ben de derde generatie hier, we kunnen het mijn opa en oma helaas niet meer vragen.” Bij vragen over architectuur en cultuur in onze stad is er een autoriteit: Arjan de Boer. Desgevraagd weet hij snel het beeld te duiden: “Het is de Rotterdamse visafslag aan de Leuvehaven die tijdens het bombardement in 1940 letterlijk werd platgelegd, zie de historische foto uit het Rotterdams archief.” De gelijkenis is inderdaad frappant. Zou een gevluchte Rotterdamse vishandelaar hier zijn neergestreken en uit nostalgie zijn ‘roots’ hebben laten schilderen? We zijn benieuwd of buurtgenoten zich herinneren wie hier zijn handeltje dreef voor, tijdens en vlak na de oorlog, of weten wie dit geschilderd heeft. Laat ons weten!

Update 27/11
Een oud-bewoner meldt dat onder de woning (van de familie van de Ingh) op nr 44 na de oorlog de vishal zat van dhr Poot. “Veel stokvis langs de kanten en zure bommen (augurken) in potten. En een schilderstuk van vissersboten en netten.”
Resteren de vragen: wie bracht deze schildering aan, wanneer en waarom?

De schildering in de garage
Rechts op de foto de garage Zonstraat Nr 46

Kees Jongkind

Op 29 september was ik uitgenodigd voor een verjaardagsfeestje in de buurt. Een bijzondere bijeenkomst, want de jarige had de respectabele leeftijd van 120 jaar bereikt! De gesprekken gingen natuurlijk vooral over vroeger. Centraal in alle verhalen stonden de sportieve prestaties van het feestvarken. De aanwezige Paul Litjens, een hockeyfenomeen, vertelde uit eigen ervaring over prachtige successen. Net als veelvoudig cricket-international Floris Jansen, die achter de bar stond.

Jansen schotelde het gezelschap halverwege het feest een uitgebreide Indische rijsttafel voor. Een toepasselijk gerecht, want de jubilaris is in 1902 geboren in de Utrechtse Zeeheldenbuurt waar destijds veel vanuit Nederlands-Indië terugkerende families gingen wonen. De jongelui uit de buurt voetbalden en speelden cricket op een driehoekig grasveld tussen de huizen. Het voelde als een klein dorp.

Pas op latere leeftijd omarmde de jarige job naast voetbal en cricket ook andere sporten, te beginnen met hockey. Met veel succes. En eenmaal verhuisd naar de Maarschalkerweerd was er zoveel ruimte in en rond het nieuwe huis, dat er ook jeu de boules- en tennisbanen werden aangelegd, en squashbanen in de kelder.

De tuin, noem het een sportpark, is voor iedereen toegankelijk, ongeacht geslacht, leeftijd, afkomst of religie. Zo’n zesduizend sporters, vooral uit Oost, maken er geregeld gebruik van. Dat wordt een enorm feest als in 2027 de 125-ste geboortedag wordt gevierd. Een mijlpaal die ongetwijfeld wordt bereikt, want de krasse knar heeft nog altijd een sterk (blauw) hart. Lang leve Kampong!

Kees Jongkind (53) is sinds 1990 verslaggever bij NOS Studio Sport en Andere Tijden Sport.

Deze column verscheen in de Oostkrant van december 2022.

Vers van de pers!

Met een grote lach toont Anneke Ellerbroek de net uitgekomen december-editie. Zeven jaar lang wist ze als voorzitter de Oostkrant door alle stormen heen te loodsen. Denk aan corona, lockdowns en politiek geharrewar over ja-jastickers. Eind van dit jaar geeft ze de voorzittershamer door, en daarom is dit haar laatste kado voor Oost: opnieuw een krant vol buurtverhalen. In Restaurant Buurten, een gastvrije supporter van de krant sinds de start in 2010, hebben we het glas geheven en deze editie extra feestelijk ingeluid. De bezorging start dinsdag 29 november, maar wie ongeduldig is, of buiten Oost woont, leest ‘m digitaal. Veel leesplezier!

Lees hier de december-editie van de Oostkrant.

Anneke Ellerbroek neemt afscheid als voorzitter van Stichting Oostkrant, de uitgever van de wijkkrant – foto Arnoud Wolff

Historisch Café: het oude gasthuis

Vrijdag is Oost welkom bij het maandelijkse Historisch Café, de derde bijeenkomst in de serie buurtvertellingen. De vorige edities waren drukbezocht, dus rasverteller en (mede)organisator Theo Visser verheugt zich weer op een gezellige en vooral leerzame middag. Deze keer staat het indrukwekkende 115 jaar oude gebouw langs de Prins Hendriklaan centraal. Duizenden fietsers richting Uithof of Kampong rijden het monument dagelijks voorbij. ‘St Antonius Gasthuis’ staat onder een beeldhouwwerk in de gevel, maar welk verhaal zit daar achter? Dat het gebouw er nog staat is sowieso slechts te danken aan de honderden actievoerders en krakers die in de jaren 80 de sloopkogel op afstand wisten te houden. Wie meer wil weten (of vertellen) over dit historisch stukje Oost, is vrijdag van harte welkom!

Historisch Café Oost
Vrijdag 16:30-17:30 uur
Locatie: De Wilg (Mecklenburglaan 3-5)
Toegang: gratis, consumpties voor eigen rekening

Het Luie End

Aan de ene kant legge ze, aan de andere kant zitten ze, zo spreekt de volksmond over het kruispunt Gansstraat met de Oosterspoorbaan. De ligplaats is algemene begraafplaats Soestbergen, de zitplek de oude gevangenis, waar in 1978 de observatiekliniek van het Pieter Baancentrum is aangebouwd. De kliniek is in 2018 verhuist naar Almere en projectontwikkelaar Kondorwessels gaat er een bruisende plek voor wonen, ondernemen en kunst van maken.

Begraafplaats Soestbergen
Napoleon verbood in 1806 het begraven in kerken en droeg gemeentes op om dodenakkers buiten de stad aan te leggen. In 1829 kocht Utrecht het buitenhuis Soestbergen plus een aanpalend stuk grond. Het huis werd verbouwd tot kantoor. Landschapsarchitect Zocher ontwierp de begraafplaats in Engelse Landschapsstijl met doorkijkjes, slingerende paden en stemmige beplanting. Het werd een plek om te mijmeren over een overleden dierbare of stil te staan bij een belangrijk persoon. De oplopende grafheuvel (rotonde) is uniek in Europa. Daar werden de notabelen begraven die verontwaardigd waren dat ze niet meer in de kerk mochten worden bijgezet. De grafheuvel bood nieuwe status.

Pieter Baancentrum
De oude gevangenis met diverse dienstwoningen is gebouwd in 1897. In de oorlogsjaren 40-45 functioneerde het als Kriegswehrgefängnis waar o.a. verzetsvrouw Truus van Lier werd verhoord na haar arrestatie. De Duitsers breidden uit met een lange houten barak aan de kant van de Kromme Rijn.
In 1949 betrok het Rijksobservatorium voor Criminele Geestesgestoorden een deel van de gebouwen, en vernieuwing van het gevangeniswezen. Zo’n 50 patiënten konden gedurende zes weken geobserveerd worden. De forensisch psychiater Pieter Baan (1912-1975) had de medische leiding van de observatiekliniek. In 1978 breidde de kliniek uit met betonnen nieuwbouw en kreeg de kliniek de naam van de overleden grondlegger: Pieter Baancentrum. Mohammed B., Volkert van der G. en Lucia de B. zijn bekende ‘initialen’ die hier zijn onderzocht in hoeverre ze toerekeningsvatbaar waren ten tijden van hun daden, wat een rechter mee kan wegen bij de straf.

Psychiater Piet Baan te midden van zijn team.
De lichtblauwe daken zijn de oude gevangenis en barak; Onderin het in 1978 gebouwde Pieter Baancentrum
De grafheuvel (rotonde) van Soestbergen – Foto: Het Utrechts Archief

Sint Maarten Parade

Vrijdag 11 november kun je genieten van de grote Sint Maarten Parade. Tientallen metershoge lichtsculpturen gaan in een lange optocht van het Maliebaanstation via de singels naar het Moreelsepark. Dansers, muzikanten en theatermakers begeleiden de stoet. Samen met vele brandende fakkels en vuurspuwers langs de route is de parade een indrukwekkend spektakel voor jong en oud!

Thema De Pest
Als afsluiter van Utrecht 900 Jaar stadsrechten pakt organisator Sharing Arts Society deze editie van de jaarlijkse parade extra uit. Elke wijk is met een thema uit de rijke historie van onze stad aan de slag gegaan. Oost kreeg het thema ‘De Pest’, een dodelijke ziekte die de stad eeuwenlang in de greep had. Voor projectleider en kunstenaar Jurrian van den Haak een uitdaging: “De pest is natuurlijk een weinig vrolijk onderwerp, maar ja, een stad kent voorspoed én tegenspoed, dat hoort erbij. Ik ben aan de slag gegaan met studenten van de Hoge School Utrecht om ook namens Oost met mooie lichtsculpturen bij te dragen aan de parade. We kozen voor pestsymbolen als de het schip en de rat (de verspreiders van de pestbacterie), raaf, snavelmaskers en Magere Hein, hét symbool van de dood. In totaal hebben we zeven lichtsculpturen gemaakt die de studenten zelf zullen voortbewegen in de parade.”

Beelden komen tot leven
Een van de studenten is Emmanuela. “We maakten onze sculpturen, een soort kostuums, van wilgentakken en rijstpapier, breekbare materialen. Dat gaf frustraties, want knakkende takken en scheeftrekkende constructies schieten niet op. Uiteindelijk heb ik me daar maar bij neergelegd. Als mijn sculptuur weer ‘ns scheef stond dacht ik: het waren natuurlijk ook treurige tijden. Het einde maakte weer veel goed. Nadat we de lichtjes hadden aangebracht kwamen de beelden tot leven, heel gaaf. Spannend om vrijdag mijn vier meter hoge ‘kostuum’ aan te trekken en in de parade mee te lopen.”

Over Sint Maarten
Sint Maarten is de beschermheilige van de stad Utrecht. Elk jaar op 11 november herdenken we zijn sterfdag in het jaar 397. Feestelijk, want na de oogstmaand oktober is het tijd voor een feestje. Maarten (Martinus) was militair in het Romeinse leger en werd later kluizenaar en zelfs bisschop van het Franse Tours. Hij verwierf eeuwige roem toen hij bij de stadspoort van Amiens zijn rode soldatenmantel aan een arme naakte bedelaar gaf. Het rood-wit in het wapen van Utrecht en het tenue van F.C. Utrecht verwijst naar de rode mantel en het bijbehorende witte onderkleed.
Utrecht heeft een eeuwenoude band met Sint Maarten (Martinus). In de zevende eeuw vestigde missionaris Sint Willibrord zich in een kerkje dat de Franken hadden gebouwd op het huidige Domplein. Die benoemde Sint Maarten tot schutspatroon van de stad. Sinds 2011 organiseert Utrecht ter herdenking weer een parade met lichtsculpturen. Vuur speelt daarbij een grote rol, omdat in de vroege middeleeuwen de armen op Sint Maartensdag zingend en met fakkels langs de huizen van de rijken trokken in de hoop wat extra’s te krijgen. Tegenwoordig gaan kinderen op 11 november zingend met lampions langs de deuren.

Sint Maarten Parade
Start: 18:00 uur Maliebaanstation
Eind: 20:00 Moreelsepark
Routekaart

Meer info: www.sintmaartenutrecht.nl

Emmanuela in het frame van haar sculptuur

Dirk Gentenaar, schilder van naam

Zie je een geschilderde familienaam en huisnummer op een deur in Oost? Grote kans dat die gezet zijn door Dirk Gentenaar. Al 50 jaar lang schildert hij cijfers, letters en andere decoraties op deuren en wanden. Met platte pet, schildersjas en een koker vol penselen onder de arm is hij een herkenbare verschijning in het straatbeeld. Een gewaardeerd vakman bovendien. “Je moet de juiste slag hebben, ik heb er vier jaar over gedaan om het onder de knie te krijgen. Geen getreuzel, maar met een vloeiende beweging in één keer erop. Dat is de crux.”

Swiebertje
Dirk heeft het vak niet van een vreemde. “Mijn vader was reclameschilder, hij schreef bedrijfsnamen op busjes, vrachtwagens en etalageruiten. Ik begon in de jaren 60 bij de NTS, de voorloper van de NOS. Ik schilderde decors voor onder andere het tvprogramma Swiebertje (‘een kopjen kofjen graag, met een koekjen‘). Later ging ik in de leer bij mijn vader. Helaas overleed hij na een half jaar, dus uiteindelijk heb ik veel zelf moeten uitvogelen. In die beginjaren voorzag ik kranen, tankwagens en zelfs vliegtuigen van namen en teksten.”

Decoratief werk
Toen bestickering van auto’s opkwam verlegde hij zijn aandacht naar het decoratieve werk voor huizen, winkels en horeca. Binnen en buiten. Soms als specialist ingehuurd door een schilderbedrijf. “Muurschilderingen, restauraties en ook naamschilderingen op deuren, ramen en muren. Zo heb ik het muurgedicht op een zijgevel aan de Koningslaan erop gezet. Ik kan ook deuren en lambrisering ‘repareren’ door het profiel van hout of marmer in 3D na te schilderen. Zie je niks van, ook met verf en penseel kun je renoveren, mooi toch?”

Handtekening van Oost
Dirk is de 70 gepasseerd en met pensioen, maar hij trekt er op zijn fiets nog dagelijks op uit om te schilderen. “Ik ken deze buurt en de Binnenstad goed, de meeste namen en nummers zijn van mijn hand. Ik lees de Oostkrant en het leek me leuk om daarin te adverteren. Zo kom ik weer in contact met oude en wellicht nieuwe klanten. Thuiszitten is niks voor mij, ik wil onder de mensen zijn en mooie decoraties voor ze maken. En het leuke is: als ik door Oost fiets, dan zie ik overal mijn handtekening.”

Dirk Gentenaar 06-54388974

Dirk Gentenaar voor de deur van een van zijn (trouwe) opdrachtgevers, de familie Visser – Arnoud Wolff

Jeroen Kreule

Wanneer ik met mijn dochters door de Albert Heijn aan de Burgemeester Reigerstraat loop en vraag welke groente ze willen eten, hoeven ze meestal niet lang na te denken: spinazie!

Niet de verse, maar de à la crème variant. Liefst die van Iglo, in hun ogen de lekkerste. Wanneer ik in mijn keuken aan de Homeruslaan bevroren blokjes in een pan gooi, denk ik altijd even aan de tuinders die tot begin vorige eeuw op een steenworp afstand van mijn huis gevestigd waren. Door de vruchtbare gronden langs de Minstroom – ook wel de Parel van Utrecht Oost genoemd – was Abstede vanaf de Middeleeuwen een belangrijk hoveniersgebied.

Nu nauwelijks meer voor te stellen, maar het gebied telde bijna 200 hoveniers. Hun specialiteit? Rode kool en … spinazie. Harde winterspinazie, om precies te zijn. Daar kwam ik enkele jaren geleden achter tijdens het schrijven van een krantenartikel over de geschiedenis van de Minstroom. De groenten werden op de markt en aan de deur verkocht. Veel hoveniers beschikten daarvoor over een honden- of paardenkar. In het gebied zit anno 2022 geen enkele tuinder meer, maar wie nu over de Abstederdijk, Zonstraat of Notenbomenlaan loopt, komt nog enkele oude hovenierswoningen tegen.

De Minstroom stroomt nog altijd en spinazie is in Oost nog steeds te koop. Duitse spinazie, aldus Iglo. Toeristen kunnen in de zomermaanden zelfs met een mini-trein langs de spinazievelden in Münsterland tuffen. Een wandeling langs de Minstroom is vermoedelijk minstens zo leuk.

Jeroen Kreule (1972) is freelance journalist en schrijft onder meer voor het AD Utrechts Nieuwsblad wekelijks de historische rubriek ‘Utrecht in…’ over het verleden van de stad.   

Deze column verscheen in de Oostkrant van september 2022.

Jessica van Geel

‘Kennis bestaat uit woorden, en maar zelden uit ervaring’. Ik stond voor haar oude woonhuis aan de Prins Hendriklaan 48 toen de zin me te binnen schoot. Een journalist wilde me wat vragen stellen over mijn boek over Truus van Lier, ik was te vroeg, en voor het eerst sinds lange tijd tuurde ik weer eens naar de gevel van het huis waarin ze opgroeide, de jonge verzetsvrouw die op 22-jarige leeftijd in Sachsenhausen werd gefusilleerd. Haar oude huis is nu het ticketoffice van het naastgelegen Rietveld Schröderhuis. Een gewoon huis, naast werelderfgoed.

Hier achter deze ramen, dacht ik, heeft Truus verzetsvergaderingen gehouden. Vóór de oorlog stond ze op dit balkon te zwaaien wanneer de militairen uit de kazerne er tegenover op Koninginnedag langs marcheerden. En haar moeder;  waar in dit huis las ze de brief dat haar dochter gevangen zat als ‘moordenares van politiepresident Kerlen’, een felle NSB’er?

Dit huis zat vol verhalen.

‘Kennis bestaat uit woorden, en maar zelden uit ervaring’. Het is een zin van NRC-journalist Marjoleine de Vos. De meeste kennis die we in ons leven opdoen, legt ze in haar boek Doe je best uit, hebben we niet zélf meegemaakt, maar komt tot ons via verhalen. Via historische verhalen, historische feiten. Maar ook zoiets actueels als de oorlog in Oekraïne heb ik niet zelf gezien. Ik heb het gelezen in de kranten, gehoord van getuigen op televisie.

De bakstenen van dit ‘gewone huis’ aan de Prins Hendriklaan zijn voor mij gaan leven, bedacht ik toen ik de journalist zag komen aanlopen, omdat ik – voor zover mogelijk dan – de verhalen ken die erachter schuil gaan. Truus zag, jij ziet, wat ik niet zie. Laten we elkaar verhalen vertellen.

Deze column verscheen in de Oostkrant van juni 2022.