Student Trui van Lier (1914-2002) startte in de oorlog een kinderopvang met de naam Kindjeshaven op de Prins Hendriklaan 4 (inmiddels gesplitst in nr 4 en 6 waarin nu ijssalon Vorst zit), vlakbij het Wilhelminapark. Samen met haar medewerker Jet Berdenis van Berlekom wist ze zo 150 Joodse kinderen veilig door de oorlog te loodsen. Een verzetsdaad zonder een schot te lossen.
Eerst vertrouwen wekken
In de jaren dertig nam het Joodse gezin Van Lier aan de Willem de Zwijgerstraat al joodse vluchtelingen uit Duitsland op. Trui, student en lid van UVSV (ze was praeses in 1937/38), hoorde van hen over baby’s en peuters van opgepakte Joodse gezinnen in Duitsland die aan hun lot werden overgelaten of zelfs ernstig mishandeld. Daarom begon ze in het najaar van 1941 een kinderopvang met de naam Kindjeshaven. Het was een van de eerste crèches in ons land! De gediplomeerde kinderverzorgster Jet Berdenis van Berlekom (1920-2010) trad bij haar in dienst. Eerst vingen ze kinderen op van de gegoede burgers uit de buurt om vertrouwen te wekken bij de bezetter. Later kwamen er kinderen via officiële instanties als voogdijraad, kinderpolitie en kinderziekenhuis. De crèche groeide gaandeweg uit tot een kinderpension met een goede naam.
Samenwerking met studentenverzet
Een jaar later volgden de kinderen waar het Trui écht om te doen was: die van (Joodse) onderduikers die met een (huilende) baby niet bij een onderduikadres konden aankomen, of van Joodse ouders die opgepakt en gedeporteerd waren. Vanaf 1943 nam het aantal opgevangen kinderen van Joodse komaf toe tot meer dan de helft, mede omdat Kindjeshaven nauw ging samenwerken met de studentenverzetsgroep Het Utrechts Kindercomité. Trui en Jet regelden vervolgens voor de kinderen een (adoptie)plek elders in de wijk.
Levensgevaarlijk
Zoveel kindjes met Joods uiterlijk begon op te vallen in de buurt. En dat was levensgevaarlijk, omdat in de nabijgelegen Kromhoutkazerne (nu bacheloronderwijs University College) en rondom het Wilhelminapark veel Duitsers en nsb-ers waren ingekwartierd. Soldaten marcheerden dagelijks over de Prins Hendriklaan! Tóch wisten Trui en Jet de opvang met goede organisatie, vlotte babbel en vooral grote moed open te houden. En ze hadden een belangrijke troefkaart: ze vingen ook kinderen op die buitenechtelijk verwekt waren door Duitsers. Als de Duitse vader naar het oostfront moest, ging de voogdij tijdelijk over naar de Ortskommandant, de hoogste in rang in Utrecht. Die was maar wat blij dat Kindjeshaven zijn opgedrongen opvangprobleem oploste …
Het einde
Trui woonde met haar verloofde en verzetsman Joost in Zeist, maar ook daar vonden razzia’s plaats. Het stel besloot daarom eind 1944 te verkassen naar Culemborg. Trui liet de dagelijkse leiding van Kindjeshaven toen over aan Jet. Die besloot begin 1945 de deuren te sluiten wegens een ernstig tekort aan elektra, stromend water en verzorgingsproducten als zeep. Naar verluid hebben Trui en Jet met hun opvang meer dan 150 kinderen kunnen redden.
Meer over Kindjeshaven
Bekijk de indringende en zeer informatieve film over Trui, Jet, Kindjeshaven en de verzetsgroep Het Utrechts Kindercomité, met de titel Omdat hun hart sprak. Journalist Ellen Visser schreef een artikel in de Volkskrant. Beluister ook de podcast met Jim Terlingen, schrijver van het boek Trui van Lier.
Eerbetoon aan Trui
Op initiatief van achternicht Michèle van Lier kreeg ook Trui een bloemenmonument. Daarvoor zijn 3.000 boshyacinten in de vorm van de letters ‘Trui’ in het talud van de Koningslaan geplant. Ieder voorjaar zal haar naam blauw opbloeien, goed zichtbaar vanuit het Wilhelminapark. De speeltuin is in april 2024 officieel hernoemd tot Trui van Lier Speelkwartier, toepasselijk, omdat ze graag met de kindjes in het park speelde. Dankzij crowdfunding kreeg de speeltuin twee sierpoorten met haar naam in gouden letters, met bovenop een groot hart van goud. Een spoor van 150 gouden hartjes verbindt de speeltuin met de oude kinderopvang aan de Prins Hendriklaan. Bloemen, speeltuin vormen één groot monument om de naam Trui van Lier levend te houden.
Familie van Truus
Trui is een oudere nicht van de bekende verzetsvrouw Truus van Lier (1921-1943) die in 1943 de foute politiechef Gerard Kerlen doodschoot. Die werd snel daarna opgepakt en stierf voor het vuurpeloton. Als eerbetoon staat voor haar ouderlijk huis naast het Rietveldschröderhuis een gedenkbord. Langs de Singel herinneren een bloemenmonument en een standbeeld aan de verzetsdaad van Truus. Daarnaast schreef Jessica van Geel in 2022 een biografie over Truus.
Getuigenis van Ans Diderik
Mijn moeder stuurde mijn broertje Dick naar Kindjeshaven. Toen op enig moment ging er nog een jongetje Eli mee naar huis en ik moest toen een verklaring hebben voor mijn vriendinnetjes – ik was 7! Mijn moeder vertelde mij dat zijn vader soldaat was, gewond geraakt in Duitsland en zijn moeder ging daarheen. Zo kwam Eli bij ons in huis.
Gedurende de oorlog gingen wij naar opa en oma in Enschede en dan werd in de trein wel eens gezegd “wat lijkt dat jongste kind op zijn moeder – net zulke bruine ogen!” Mijn moeder zal het nog wel eens benauwd gehad hebben, want ikzelf was nogal een flapuit! Toch heb ik nooit gezegd “Dat is mijn broertje niet”.
Na de oorlog kwam zijn oom, die in het Amerikaanse leger diende, hem ophalen en gingen zij naar Israël. Mijn moeder vond dat vreselijk maar begreep het ook wel.
Begin jaren tachtig is hij hier op bezoek geweest. Wijlen mijn broertje Dick, mijn schoonzus en ik vonden hem toen een onsympathieke macho geworden (andere cultuur?).
Evengoed na vele jaren geen contact, belde hij mij op mijn 90e verjaardag toch weer op!









